Medische Diensten
Psycho-Oncologie (Geneeskunde)
Opdracht
De psychologische aspecten geassocieerd aan de kankeraandoening
Sinds een twintigtal jaar, heeft de aanzienlijke vooruitgang die verwezenlijkt is in de behandeling van kankeraandoeningen, meervoudige gevolgen gehad op de zorg voor de patiënten met dergelijke pathologie.
Vooreerst, heeft de verhoging van de levensduur van de patiënten, kanker omgevormd tot een chronische ziekte, waarvan de evolutie niet systematisch moet gekoppeld worden aan een fatale afloop. Daardoor zijn sommige aspecten die voordien over het hoofd gezien werden, essentieel gebleken in de optimale zorg voor de patiënt. Zo heeft de levenskwaliteit een belangrijke plaats ingenomen in de bezorgdheid van zowel verzorgenden als onderzoekers.
Het concept van levenskwaliteit omvat meerdere dimensies die niet alleen de medische gegevens (percentage genezingen, overlevingsduur, antitumorale doeltreffendheid van de nieuwe behandelingen
) maar ook en vooral, de parameters met betrekking op het fysisch, emotioneel en sociaal welzijn van de patiënten en hun omgeving behandelen. Parallel werd het steeds duidelijker dat het idee - overheersend tot nu toe - volgens dewelke de emotionele angst in antwoord op kanker "normaal" of "begrijpelijk" was - niet meer aanvaard kon worden. Deze notie hield inderdaad de passieve aanvaarding in van een pijnlijke maar onomkeerbare realiteit, anders gezegd, de onmacht van de verzorgers tegenover één van de meest voorkomende en meest beproevende aspecten van de problematiek "kanker".
Een ernstige studie, uitgevoerd in de Verenigde Staten en gepubliceerd in 1983, heeft aangetoond dat ongeveer één kankerpatiënt op twee psychologische problemen heeft, waarvan meer dan 80% van angstige en/of depressieve aard zijn ! Nu dit eindelijk duidelijk was, ontwikkelde zich een nieuwe wetenschap : de psycho-oncologie. Deze had een dubbel doel :
-enerzijds, betreft het de studie en de behandeling van de psychosociale gevolgen van de kankeraandoening voor de patiënt en zijn familie;
-anderzijds, zijn het de eventuele invloeden van de psychologische factoren op de ontwikkeling en de evolutie van de kanker die een verhoogde aandacht weerhouden en onderwerp zijn van grondig studiewerk.
Wij zullen niet nader ingaan op dit tweede aspect dat boeiend is maar niet past binnen het kader van deze korte samenvatting.
Op een zeer synthetische manier kunnen we de actuele kennis in dit domein als volgt samenvatten :
- er bestaat geen enkel doorslaggevend element dat toelaat het bestaan te bevestigen van een dergelijke correlatie tussen de psychologische factoren zoals stress, angst of depressie en de ontwikkeling en de ongunstige evolutie van kanker;
- sommige studies hebben een gunstige invloed gesuggeereert van psychosociale interventies op de levensduurte. Deze gegevens moeten met de grootste voorzichtigheid geïnterpreteerd worden omdat zij niet bevestigd zijn. Zij zouden dus kunnen voorkomen per toeval, per vergissing begaan in het behandelen van de studies of nog het slachtoffer zijn van factoren onafhankelijk van de bestudeerde parameters, en (nog) niet geïdentificeerd;
- het lijkt voldoende duidelijk dat de psychologische interventies de levenskwaliteit en het dagelijks functionneren verbeteren van de patiënten en eventueel van hun omgeving.
Om een globaal beeld te hebben van de situatie, is het belangrijk de verschillende elementen in beschouwing te nemen die rekening houden met de emotionele reacties waargenomen binnen het kader van de cancerologie. Deze beginnen zelfs vóór de diagnose van de ziekte, tijdens de opsporing. De nieuwe gegevens waarover wij beschikken in termen van risicofactoren, in het bijzonder uit de recente ontwikkelingen van de genetica, verbreden nog de "tijdslijn" van deze vroegere fase van de ziekte.
Aan elk stadium van de ziekte - diagnose, behandeling(en), terugval, "gevorderde" fase - komen specifieke profielen van psychologische reacties overeen, die het onderwerp moeten zijn van een aangepaste aanpak.
Overigens, behalve de variabelen verbonden met kanker en zijn behandelingen, bestaan er factoren gebonden aan de patiënt en zijn eigen geschiedenis, aan de omgeving, - familiaal, professioneel, sociaal, financieel
- evenals aan complexe interacties die bestaan tussen deze verschillende aspecten.
In het kort, betekent dit dat elk individu met zijn uniek verleden tot een diagnose van kanker "komt", dat op zijn eigen manier de reactie op de verschillende bronnen van stress gaat beïnvloeden en die hij zal moeten trotseren. Hij zal min of meer gesteund en geholpen worden door een partner, vrienden, collega's
en financiële middelen of sociale structuren die hem toegang zullen geven aan een optimaal dagelijks levenscomfort.
In een dergelijke context, is het de rol en het doel van de psycho-sociale tussenkomsten een maximum aan beschikbare bronnen te mobiliseren - intern en extern - om de aanpassing van de patiënt en eventueel ook van zijn familie te begunstigen aan de nieuwe realiteit met kanker.
Het is logisch, aangezien de complexiteit en de meervoudigheid van de actuele elementen, dat een optimale zorg herhaaldelijk beroep moet doen op de gevarieerde therapeutische benaderingen, individueel aangepast aan de noden opgelegd door de situatie eigen aan elke patiënt. Hierdoor is het soms aangewezen psychotherapeutische interventies te associëren met het voorschrijven van anxiolytische geneesmiddelen of antidepressiva.
Onder de psychotherapeutische technieken, worden de emotionele, cognitieve, gedrags- of "systemische" (familiale) benaderingen het meest gebruikt.
Wat ook de benaderingen zullen zijn die de voorkeur zullen genieten na een grondige evaluatie, de zorg van de patiënten met een kankeraandoening eist in alle geval vanwege de gespecialiseerde interveniënt in psycho-oncologie, een kennis zonder falen van het spectrum van reacties en psychologische symptomen maar ook van de recentste ontwikkelingen op het gebied van de oncologie.
In het Bordet Instituut, probeert de Eenheid van Psycho-Oncologie die een integrerend deel uit maakt van de Kliniek voor Ondersteundende Zorgen, Palliatieve Zorgen en Rehabilitatie, door een pluridisciplinaire en geïntegreerde benadering, zo goed mogelijk tegemoet te komen aan de zorgen die ontstaan uit het dagelijks gevecht van de patiënten en hun familie. Dit gebeurt door zich te investeren in wetenschappelijk onderzoek met als doel een permanente verbetering van de kennis en de behandelingsmiddelen.
Verantwoordelijke : Dr Darius Razavi
