Medische Diensten
Conventionele Nucleaire Geneeskunde
De “sentinelklier” in de oncologie (2)
"De sentinelklier" in de praktijk.
In de praktijk, is het heel gemakkelijk om in de nucleaire geneeskunde deze "sentinel" klieren, risicoklieren, aan te tonen. Het volstaat inderdaad om rond de tumor een radiogemerkt colloid te injecteren. Dit colloid gaat de lymfevaten gebruiken die uit de tumor komen en gaat zich ophopen in de klieren die ze bepalen. Deze vaten en deze klieren kunnen dan zo gemakkelijk gevisualiseerd en ontdekt worden, dat men er beelden (scintigrafie) en/of dat zij kunnen opgespoord worden in het operatiekwartier door middel van detectiesondes van stralen van het radioactief colloid die ze opgestapeld hebben.
Op de vooravond, of de dag zelf van de heelkundige ingreep, zullen injecties gedaan worden rond of in de tumor, ofwel door de chirurg van de patiënt, ofwel door de specialist nucleaire geneeskunde. Scintigrafische beelden zullen onmiddellijk na deze injecties gemaakt worden of na een zekere tijdspanne en indien nodig herhaald worden vlak voor de heelkundige ingreep.
In het operatiekwartier, zal de chirurg de informatie van de bekomen beeldvorming gebruiken om zich te richten naar de klieren en zal ze nog beter ontdekken door middel van de detectie sonde van de stralen die ze uitzenden.
In sommige gevallen, zal de chirurg ook in de tumor of rondom deze een vitale kleurstof kunnen injecteren die hem zal toelaten de lymfevaten en de klieren onmiddellijk te zien.
De “sentinelklier” in borstkanker.
Ons instituut met het team van Prof. Jean Marie Nogaret (Drs Hertens, Noterman, Veys en Schobbens) is één van de eerste geweest om deze techniek in België te introduceren en heeft er een zeer grote ervaring mee. Zij komt ten gunste van 2 tot 10 patiënten per week.
De indicaties die ons instituut weerhouden heeft voor deze toepassing en op basis van onze ervaring, zijn nochtans strikt. In het huidige stadium, is deze sentinelkliertechniek en haar selectieve lymfadenectomie beperkt tot kleine geïsoleerde tumoren (minder dan 2cm in het algemeen bij palpatie en minder dan 15mm als grootste diameter wanneer onmiddellijk geanalyseerd na wegname in het operatiekwartier) en zonder gevonden klier bij palpatie van de homolaterale okselholte.
Bij borstkanker, kunnen de sentinelklieren gezien worden bij orde van frequentie : in de okselholte, naast en achter het sternum (interne borstklieren), in de borst zelf (intra mammair) of er naast (extra mammair).
Link naar het team Borstheelkunde (Verantwoordelijke Dr. Nogaret).
"De sentinelklier" bij melanoom.
De techniek van de “sentinelklier” bij melanomen is sinds 1998 door Dr François Sales in praktijk gebracht. Zij wordt toegepast op melanomen met een dikte tussen 1 en 4 mm zonder opspoorbare klier in de drainage kliergebieden.
Zij reveleert zich in het bijzonder nuttig in letsels ter hoogte van nek en hoofd, thorax, abdomen, bekken evenals van de oorsprong van de ledematen. In deze gebieden, kan lymfedrainage inderdaad gebeuren naar meerdere verschillende kliergroepen die allen in theorie risico dragen.
"De plaats van de “de sentinelklier” bij kankers van de NKO omgeving
De techniek van de “sentinelklier” bij kankers van de NKO omgeving is op dit ogenblik in evaluatie met het team van Prof Guy Andry (Drs. D. Dequanter en Lothaire).
"De sentinelklier" bij prostaatkankers.
De mogelijkheid om in vivo klieren te ontdekken die risico lopen aangetast te worden in geval van prostaatkanker, biedt eveneens veel interessante perspectieven.
De toepassing van deze techniek bij geselecteerde gevallen en haar evaluatie zijn lopende door het team van Prof. R. Van Velthoven.
Verantwoordelijke : Prof. Patrick Flamen
